16/09/2026 door Niels Roelen 1 Reactie
Perspectief
Op de valreep werd op het filmfestival in Venetië de documentaire Naza toegevoegd. Een documentaire die veel stof doet opwaaien.
Tijdens mijn missie in Afghanistan begon ik met schrijven. In maximaal 235 woorden, het aantal patronen dat ik tijdens patrouilles bij me droeg, kijk ik naar de politiek, oorlogen van nu of soms gewoon iets anders. Wielrennen bijvoorbeeld.
Vijfentwintig minuten, de langste ovatie ooit, klapten de bezoekers in Venetië voor de documentaire Naza. Rachel Szor en Yuval Abraham (de makers) interviewen een twintigtal Israëlische militairen over het protocol rond de bombardementen in Gaza van “het meest ethische leger op aarde”.
Soldaten en officieren vertellen hoe AI-analyses gebouwen aanwijst waar zich mogelijk mensen ophouden die ooit aan Hamas gelieerd waren. Mogelijk, ooit en gelieerd zijn drie onzekere variabelen gegenereerd door een systeem (AI) dat alles behalve waterdicht is Toch volstaat voor het bombarderen van gebouwen. De nevenschade, Naza, is irrelevant. Één mogelijke Hamasstrijder rechtvaardigt vijfhonderd onschuldige burgers.
Interessant is hoe Israël zelf furieus reageert op de elke (zelf veroorzaakte) nevenschade aan haar imago. Israël dader? Onmogelijk en dus worden bijvoorbeeld opvarenden van het flotielje gedwongen om beelden van 7 oktober te kijken terwijl Gvir ze beschimpt en vernedert.
De film van Szor en Abraham is volgens minister Zohar (cultuur), het product van diepgewortelde zelfhaat. Bedoeld om Israël te beschadigen en wereldwijd applaus te oogsten van antisemieten, omdat elke vorm van kritiek op Israël door het land per definitie als antisemitisme weggezet wordt. Een andere optie dan het staatsburgerschap van deze “verachtelijke regisseurs” intrekken ziet hij niet.
Als het gaat om Israël, draait het altijd om perspectief. In die context zet ik die 25 minuten graag tegenover de nog altijd voortdurende 1.576.800 minuten internationale politiek stilte. Een record.
Niels ®elen
Opmerkingen
23/10/2026 door Paul Hesp
In 1966/67 werkte ik op een kiboets onder de Golanhoogten. Daar werd een week of twee voor de Zesdaagse Oorlog een artilleriebatterij gestationeerd, verborgen achter de appel- en perenboomgaard. De baas daarrvan bleek ineens majoor te zijn. Terugkijkend op wat er volgde heb ik in een privé-publicatie over mijn anderhalf jaar infanterieklas KMA (te ‚Pruisisch‘ voor mij destijds; achteraf erg nuttig geweest), en wat dingen daarna, ooit over een ‚volksleger in actie‘ geschreven. Het leek een rechtvaardige oorlog. Maar ook: ‚Het kan er bij mij niet in dat God een handelaar in onroerend goed is die ooit een deal maakte met één bepaald volk in het Midden-Oosten.‘ Het probleem begint al bij Herzl (Der Judenstaat, Altneuland), die niet echt heeft nagedacht over de impact die de Joodse immigratie zou hebben op de niet-Joden die al sinds mensenheugenis in Israel woonden. Niet dat ik (met dik 90% van de Westeuropeanen) daar destijds oog voor had. Ik kan nu jouw optiek delen. Ik betwijfel of we Naza hier in Wenen, waar ik nu woon, zullen zien. Deels omdat het hier gezien het Oostenrijkse verleden, de grote Joodse gemeenschap en de politieke koudwatervrees nogal gevoelig ligt. Deels omdat mijn opnamecapaciteit voor dit soort dingen onderhand heel beperkt is. Of ik jouw romans zal lezen betwijfel ik daarom ook. Maar dat je over Afghanistan schrijft kan ik me zo goed voorstellen. Mijn broer (ex-KCT en IFOR/SFOR) heeft het veel goed gedaan e.e.a. van zich af te schrijven. Veel succes verder! Paul Hesp
Schrijf een reactie